(Disclaimer: Dit stuk gaat niet over homoseksualiteit, maar over het homohuwelijk. Dat zijn twee verschillende dingen. Lees je verder? Lees dan goed voordat je reageert.)

De laatste tijd is er een hoop te doen over het homohuwelijk. Of, zoals velen het liever gezegd hebben, de openstelling van het huwelijksrecht voor paren van gelijk geslacht. Nu grijp ik iedere mogelijkheid om ergens iets van te vinden aan, en met een beetje pech tik ik er nog een stukje over ook. Zo ook nu.

Het homohuwelijk (om die term maar even aan te houden) is dus nogal een hot issue, getuige de talkshows, twitter rants en andere uitingen in de diverse media. De homo met huwelijkswens ziet eindelijk acceptatie voor zijn of haar geaardheid na eeuwenlange onderdrukking door kortzichtige christenfundamentalisten. De tegenstander ziet weer een uiting van het grote morele verval van de mensheid. Kortom; dat wordt weer een gezellig weekend.

Een tijd geleden trouwde mijn ex-vriendin met haar huidige vrouw, en inmiddels zijn ze de gelukkige ouders van een prachtige zoon. “What is there not to love?”, om de grote filosoof C. Sheen maar eens te quoten. Ik ben vol overgave op de uitnodiging voor het huwelijksfeest ingegaan, en heb de overduidelijke liefde tussen hen beide met ze meegevierd. En ik zag dat het goed was.

“What is there not to love?”

Dit vertel ik niet zonder reden; ik vertel dit om lading te geven aan mijn standpunt. Vandaar de opmerking in de disclaimer: als je leest, lees dan goed. Ik ben namelijk geen ondubbelzinnig voorstander van het homohuwelijk. En toch tik ik vol overgave de alinea hierboven. Hoe zit dat?

 

1. Definitie
Het gaat volgens mij om de definitie van wat huwelijk is. Voor vrijwel alle beschavingen van alle tijden was en is het huwelijk een verbintenis tussen man en vrouw. Soms een man met meerdere vrouwen, soms zelfs een vrouw met meerdere mannen. Maar altijd die twee geslachten bij elkaar. En voor veel mensen, mij inclusief, is dat een fundamentele eigenschap van het huwelijk. Het is de kern van haar definitie. En veel mensen, mij inclusief, zijn daar zuinig op.

Het rommelen aan definities is, zo blijkt uit ervaring, tricky business, zeker als het gaat om grote of ‘heilige’ zaken. Neem de term mens. Zodra de definitie van mens zo werd aangepast dat homo’s daar buiten vielen, was het geen probleem om ze de gaskamers in te sturen. Wij als Nederlanders van na W.O.II kunnen vaak niet bevatten dat er zoveel mensen vergast werden, tot je beseft dat ze geen mens meer werden genoemd. De term mens werd specifieker, en gold opeens voor een kleinere groep.

Het rommelen aan definities is, zo blijkt uit ervaring, tricky business

Aan de andere kant ken ik iemand die de term mens minder specifiek maakt; het maakt hem niet veel uit of je een mens doodt, of een ander zoogdier. Alle zoogdieren moet je gelijk behandelen, en daarom is hij veganist. Dat uitgangspunt levert ook weer zijn vragen op, als we kijken naar het huwelijk. Waarom zou je, als dat je overtuiging is, het huwelijk alleen voorbestemmen aan twee zoogdieren uit de familie van de Hominidae, en dan nog specifieker de Homo Sapiens? Zo zijn er (met name) Aziatische landen waar mensen met dieren trouwen, en zelfs met een virtueel animekarakter.

Of neem de Nationale Dodenherdenking. Probeer eens publiekelijk de betekenis van de Nationale Dodenherdenking zo te verruimen dat we ook de Palestijnse slachtoffers door Israëlisch geweld herdenken. Of, zoals Rikko Voorberg trachtte, de omgekomen bootvluchtelingen. Kun je nog zo hard roepen “Maar dat zijn toch ook ‘doden’?!”, je krijgt er geheid een hoop gezeik mee. Niet omdat Palestijnse slachtoffers niet erg zijn, niet omdat verdronken kinderen op de Middellandse Zee niet herdacht mag worden, maar omdat veel mensen van mening zijn dat dat gewoon niet de betekenis is van de Nationale Dodenherdenking.

Woorden en rituelen hebben betekenis. Die betekenis veranderen moeten we niet lichtzinnig doen, en we moeten ons realiseren dat het voor velen nicht im frage is.

2. Gelijk en gelijk zijn niet gelijk gelijk.
Gelijkheid is iets anders dan gelijkwaardigheid. In het gesprek over het homohuwelijk is het van groot belang dat scherp te hebben. Voor de meeste mensen zijn man en vrouw gelijkwaardig, maar niet gelijk. Onlangs waren brandweervrouwen ontevreden dat ze ongelijk behandeld werden ten opzichte van mannelijke collega’s. Toen dat werd opgelost, kwamen er opeens klachten dat vrouwen dezelfde test moeten afleggen als mannen. Ook ons uitstekende sociale vangnet behandelt niet iedereen gelijk; een goede vriend van mij ontvangt de Wajong, terwijl een ander per maand maand meer belasting betaalt dan ik überhaput verdien. Niet gelijk, wel gelijkwaardig.

Voor de meeste mensen zijn man en vrouw gelijkwaardig, maar niet gelijk.

De meeste tegenstanders van het homohuwelijk zijn niet tegen gelijkwaardigheid van homo’s en hetero’s. Zeker christenen (vermoedelijk de voornaamste groep tegenstanders) zullen (of moeten) dit beseffen. Spreek ze er desnoods op aan. Ieder mens is gelijkwaardig, want ieder mens is geschapen naar het evenbeeld van God. Iedere notie van ongelijkwaardigheid is of onterecht, of verwerpelijk.

3. Belang van het huwelijk.
Als homostellen zoveel belang hechten aan het huwelijk, waarom is er dan zo weinig begrip voor mensen met een andere mening die ook veel belang hechten aan het huwelijk? Het komt mij vreemd over dat je met hand en tand de definitie van het begrip huwelijk wil oprekken zonder te accepteren dat anderen het huwelijk ook belangrijk vinden en het daarom juist niet willen. Vooral de homostellen die bewust weigerambtenaren opzoeken om ze daarmee in de problemen te brengen bewijzen daarmee zowel het huwelijk als de liefde een slechte dienst. Andersom geldt overigens hetzelfde: als je als tegenstander het huwelijk zo hoog en heilig acht, moet je op zijn minst begrip op kunnen brengen voor homostellen die daar ook aan deel willen nemen. Elkaar die ruimte niet gunnen is het einde van ieder gesprek.

Waarom is er zo weinig begrip voor mensen met een andere mening die ook veel belang hechten aan het huwelijk?

Het belang van de kinderen heb ik trouwens altijd al een slecht argument gevonden. Zo zei Anton de Wit er ook iets over bij RTL Late Night, maar dat werd snel onderuit gehaald door de andere tafelgasten. Als het gaat om de essentie van het huwelijk moeten we er geen randzaken bijhalen die daar van af leiden. Net als wanneer christelijke partijen tegen koopzondagen zijn onder het mom van ‘dat is slecht voor de kleine ondernemers’. Als uit een nieuw onderzoek zou blijken dat het juist goed is voor kleine ondernemers zullen ze een andere reden moeten zoeken, of gewoon zeggen dat ze het niet willen op grond van hun religieuze overtuiging.

Hoe dan ook; het huwelijk is belangrijk. Laten we het ook zo behandelen in onze omgang met mensen met een andere mening over het huwelijk.

4. De Hemel en de Aarde.
Los van de vraag of ik vind dat er aan die definitie gesleuteld kan worden, ben ik van mening dat het huwelijk per definitie een verbintenis is tussen man en vrouw. Dat heeft voor mij niet alleen te maken met het biologische of historische aspect. Belangrijker vind ik het theologische. Het huwelijk is een bijbels, religieus geladen begrip. Zelf hebben mijn vrouw Elsa en ik gekozen om onze eigen bruiloft te vieren als een afspiegeling van de Grote Bruiloft tussen Hemel en Aarde. Daar waar Jezus (Hemel) de bruidegom is, en wij (Aarde) de bruid. Dit thema komt van Genesis tot Openbaring naar voren. Op onze trouwringen staat dan ook Maranatha, een uitroep van verlangen naar meer van deze samensmelting van twee ongelijke maar elkaar aanvullende werelden.

Daar waar Jezus de bruidegom is, en wij de bruid.

5. Tot slot
Laten we accepteren dat we te maken hebben met een lastig, en zeer emotioneel onderwerp. Het dwingt ons om onze overtuigingen te onderzoeken, te delen en zo nodig te verdedigen. Het dwingt ons ook om dat in liefde te doen, juíst bij zo’n onderwerp. Doe je dat niet, dan heb je al verloren.

Een groot theoloog schreef over de liefde:

Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cimbaal. Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen – had ik de liefde niet, ik zou niets zijn. […] Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze.

 

Advertenties